‘Op 25 maart is ze gestorven. Alleen’

5
Charlotte Bonte

Charlotte Bonte (46) uit Wevelgem is N-VA-gemeenteraadslid en verantwoordelijke van Thuisverpleging Zorgteam. Ze doet verslag over de kracht die ze haalt uit samenwerking, de angst en de onzekerheid, de tranen en de opluchting.

Vrijdag 13 maart
Gemeenteraad in Wevelgem. We moeten plaatsnemen met anderhalve meter afstand tussen elkaar. Persoonlijk vind ik dat wat raar. Ik heb de hele dag gewerkt en boodschappen gedaan met niets van protectie, en ineens moeten we die afstand nemen. Om middernacht gaat de lockdown in. Ik heb er totaal geen idee van wat ik moet verwachten. Ik denk dan nog dat het allemaal hoogstwaarschijnlijk maar een tweetal weken zal duren en dat we dan ons gewone leventje hervatten.

Ik start mijn weekenddienst met heel weinig informatie. Ik werk zoals ik gewoon was, maar met extra handhygiëne. Veel van mijn patiënten vinden het allemaal overroepen en lachen het hele fenomeen weg. In tussentijd probeer ik langs alle kanalen die ik kan aanspreken de nodige informatie te verkrijgen, zodat we een duidelijker zicht krijgen op de correcte manier van werken.

Ik merk bij de andere thuisverpleegkundigen dat ze met dezelfde vragen zitten.

‘Veel van mijn patiënten vinden het allemaal overroepen en lachen het hele fenomeen weg’

We hebben heel snel door dat de thuisverpleegkundigen vergeten worden en dat we er alleen voor staan. We richten een groep op met zelfstandige thuisverpleegkundigen uit mijn regio om ideeën en informatie te delen met elkaar. Op die manier bundelen we onze krachten en vinden we de energie om er samen in te vliegen.

Maandag 16 maart
Mijn eerste werk: ik moet mijn volledige team voorzien van materiaal zodat we veilig kunnen werken. Voor de patiënt, ons gezin en onszelf. Al heel snel wordt duidelijk dat dat niet zo evident is. De groothandel waar ik altijd mijn materiaal aankoop, vertelt me dat er al geen mondmaskers meer zijn. Ik koop de laatste dozen handschoenen en drie kleine flesjes handontsmetting.

Ik loop de apotheken en de doe-het-zelfwinkels af en koop alles wat ik kan. Veel is het niet. Ik zwijg dan nog over de prijs. Mijn man kan in een bepaalde zaak vijf chirurgische FFP1-maskers kopen voor vijf euro per stuk. Ik kan persoonlijk niet goed vatten dat sommige mensen die prijzen maal tien doen, wetende dat dat materiaal hoogst noodzakelijk is.

‘Op mijn Facebookpagina doe ik een oproep naar iedereen die materiaal zoals handontsmettingen, handschoenen en mondmaskers kan missen. Ik word emotioneel van de reacties!’

Ik voel dat ik er niet ga geraken om alles bij elkaar te krijgen. Op mijn Facebookpagina doe ik een oproep naar iedereen die materiaal zoals handontsmettingen, handschoenen en mondmaskers kan missen. Ik word emotioneel van de reacties! Mijn schoonheidsspecialiste laat me weten dat ik haar handontsmetting mag hebben omdat ze toch moet sluiten. Kinderen van patiënten laten me weten dat ze FFP2-maskers hebben liggen. Het geeft een gevoel van verbondenheid.

Dinsdag 17 maart 
Vergadering met mijn team om alles te overlopen: hoe moeten we in de toekomst werken? Samenzitten is geen optie, we vergaderen online. Dat is even wennen, maar wel efficiënt. We beslissen om onmiddellijk mondmaskers en handschoenen te dragen bij elke patiënt. Een nieuw paar handschoenen per patiënt: aan 150 bezoeken per dag gaan die er snel door. We trekken dagelijks andere kleren aan en wassen op 60 graden. Allemaal kleine dingen die toch veel veranderen.

Ik heb een protocol uitgewerkt van hoe we onze auto moeten herinrichten om efficiënt en veilig te werken. Ik ben ook bezig met het worst-casescenario: wat als ik uitval? Wie doet dan de planning en het nodige bureauwerk? Twee collega’s komen langs om de nodige dingen aan te leren. We zitten samen met handschoenen en mondmaskers aan. We zijn onder de indruk van de impact die dat nu al op ons heeft.

De eerste week is het wennen aan onze nieuwe manier van werken. De meesten van onze patiënten vinden het maar niets en lachen het nog altijd weg. Dat zal veranderen wanneer iemand in hun omgeving is ziek valt.

‘Al snel ondervinden we de ongemakken van de maskers. Na acht uur begint je huid te irriteren’

Al snel ondervinden we de ongemakken van de maskers. Na acht uur begint je huid te irriteren en krijg je eczeem, rode vlekken, jeuk, pijn aan de oren. Onze handen raken uitgedroogd van het vele keren ontsmetten en wassen. Maar dat nemen we er graag bij als we onze mensen maar kunnen beschermen. Ik verwachtte dat veel mensen zullen afbellen om de zorg even te onderbreken. Maar niets is minder waar. Integendeel, we hebben veel nieuwe patiënten bij. De eerste week gaat snel voorbij. We hebben nog geen zieken. Dat is al iets!

Week 2
De tweede week begint niet zo goed. ’s Morgens vertoont een van onze eerste patiënten alle symptomen van Covid-19. Een vrouw van 94 die bij haar zoon woont. Ze wordt opgenomen in het ziekenhuis. De dame is voor haar leeftijd zeer kranig, pienter en nog heel actief. Maar al snel horen we dat het er niet zo goed uitziet. Het beestje heeft haar te pakken.

Haar zoon en zijn echtgenote zijn ook patiënten en moeten onmiddellijk in quarantaine. Voor ons weerom een hele nieuwe ervaring. Een speciaal pak aan, masker, bril, scherm, … niet gemakkelijk werken. Chapeau voor de mensen die de hele dag zo moeten werken. Maar nog veel erger is het voor haar huisgenoten. Ineens mogen zij niet meer buiten en worden ze verzorgd met de nodige bescherming, waarvan ze enorm onder de indruk zijn.

Het allerergste is dat ze hun moeder niet meer kunnen zien. Op 25 maart is mevrouw gestorven. Alleen. De familie is kapot van verdriet, zit met zovele vragen. Kunnen ze haar nog eens gaan bekijken in het mortuarium, hoe zit het met de begrafenis? Doordat ze zelf in quarantaine zitten, zal de begrafenis plaatsvinden op een latere datum. Op vrijdag begint ook de zoon symptomen te krijgen van Covid-19. Hij moet thuis uitzieken.

‘Diezelfde 25 maart sterft in het rusthuis ook mijn oma van 96 jaar aan Covid-19’

Diezelfde 25 maart sterft in het rusthuis ook mijn oma van 96 jaar aan Covid-19. Ze was al 15 jaar zwaar dementerend en we kunnen het dan ook een plaatsje geven dat we nu afscheid van haar moeten nemen. De begrafenis moet wachten tot we met onze kinderen samen een plechtigheid kunnen laten doorgaan. We zijn een samengesteld gezin met vier kinderen. Eén woont in Gent, de andere in Brussel, de jongste van de zonen afwisselend bij de ma en bij ons, en dochter verblijft altijd bij ons. We hebben onmiddellijk besloten dat het beter is dat ieder blijft waar ze het meest verblijven. Natuurlijk nog altijd met de gedachte dat het snel over zal zijn.

Week 3
De lockdown begint voor mijn collega’s door te wegen. Een collega is bang. Bang om het virus te krijgen. Bang niet te weten wat er kan gebeuren. Ik laat haar een weekje thuisblijven zodat ze de nodige rust vindt. Waar ik het moeilijk mee heb, is de verantwoordelijkheid die je draagt tegenover de ander en daar bedoel ik mee: de patiënt en je eigen gezin. Je voelt een bepaalde druk op je schouders, moeilijk te verwoorden. Je wil dat iedereen gezond blijft. Ik kan wel zeggen dat er in deze hele periode veel traantjes vloeien.

Nu
Het zwaarste is nu de eenzaamheid die ik zie bij de ouderen. In het begin lachten ze het weg, ze hielden zich totaal niet aan de regels. Ze konden het niet vatten dat hun kinderen niet meer wilden komen. Velen dachten dat hun kinderen bang waren van hen. Ik probeerde hen duidelijk te maken dat het net andersom is. Ik sta ervan versteld dat het net de ouderen zijn die het niet echt au sérieux namen.

‘We wassen hun haar en draaien het op krulspelden, we hebben zelfs al haar geknipt. Als ze zich maar goed voelen’

Nu is alles anders en houden ze zich perfect aan wat van hun gevraagd is. Velen krijgen raambezoekjes of mooie tekeningen van de kleinkinderen. Maar velen zien niemand. Dus ik kan je verzekeren dat ze genieten van onze bezoekjes. We proberen dan ook de maximale tijd te nemen, zodat ze toch wat sociaal contact hebben. We proberen onze patiënten nu nog meer te verwennen.

De kappers mogen niet werken, dus je kan je inbeelden: al die dames die anders wekelijks een bezoekje brengen bij de kapper en nu hangt hun haar tussen hun tanden. Dus proberen we het werk van de kappers wat over te nemen. We wassen hun haar en draaien het op krulspelden, we hebben zelfs al haar geknipt. Als ze zich maar goed voelen. Zo belangrijk.

Op vandaag  hebben we één sterfgeval gehad en drie mensen in quarantaine. Momenteel geen zieken meer. Het gehele team is nog gezond! 😊 Twee weken terug was ikzelf niet zo goed en ben ik getest geweest, maar negatief. Dus stilaan vinden we de rust terug in deze toch wel moeilijke, onvergetelijke periode.



Meer helden

‘Als schaduwexpert geef ik achter de schermen advies’

‘Na twee maanden zien we het applaus wegebben’

‘Twee weken voordien had hij de hele serre nog omgespit’

‘Mijn zoontjes heb ik 8 weken niet gezien’

‘Mensen sterven zonder familie om zich heen’

Verpleegkundige Inge De Ridder: ‘Mijn gezin geeft me de moed om door te gaan’

Donderdag 9 april: een nachtshift in het leven van spoedarts Kevin Vereecken

‘Op 25 maart is ze gestorven. Alleen’

Louis Ide, specialist infectiecontrole Jan Palfijn: ‘Een tweede lockdown is echt geen optie’

‘Uren bel ik rond om mondmaskers te vinden’

Erik Ramaekers (39) is zorgkundige in de thuiszorg

Chelsea Schoubben, maatschappelijk assistent kinder- en jeugdpsychiatrie

‘Hebben we al een zekere vorm van immuniteit opgebouwd? We weten het niet.’

‘80-plussers die huilen, dat snijdt door hart en ziel’

‘Wanneer iemand het niet haalt: dat zijn de lastigste momenten’

‘Veel mensen zoeken troost in een pakje koeken’

‘Naast de vele uren en de werkdruk is er het verdriet van heel wat mensen’

‘De patiënt is prioritair. De ontlading volgt thuis’

Comments are closed.